zaterdag 18 april 2026

Dag 20: Los Arcos - Logrono





 Dag 20 : van Los Arcos naar Logrono (27.6 km) 

Twintig dagen op pad… dat is bijna drie weken op de camino, ik kan het echt niet geloven. Het lijkt alsof ik gisteren ben vertrokken en toch niet. Ik heb al zoveel mensen ontmoet, op zoveel plekken geslapen, zoveel kilometers gewandeld, dat het lijkt alsof ik al veel langer weg ben. 

Is er iets dat ik mis? Eerlijk gezegd: neen. Met uitzondering van saar en de kinderen waar ik heel veel aan denk en heel veel over praat, mis ik echt zo goed als niets. Dat is een heel bijzondere ervaring. Maar het is zo, ik zit in een heel prettige camino-bubbel en het is hier fijn vertoeven voor enkele weken. 

Vandaag is een laaaaaange dag, zoveel kilometers moeten er afgetapt worden en mijn benen voelen zwaar aan (je zou denken dat mijn lichaam went aan deze inspanning maar eerlijk gezegd is het protest van mijn voeten nog steeds groot). Ik babbel bijna de hele weg met Brian, een superlieve man uit Michigan. Brian is gepensioneerd maar heeft een best zware rugzak, zijn oudste zoon was zwaar verslaafd, het duurde vier jaar voor hij zijn kleinzoon mocht zien en hij stierf bijna aan longcovid. Maar hij geraakte door alles door en hij blijft naar de mooie kant van het leven kijken. Bij het afscheid nemen geeft hij mij een ‘big hug’, hij zegt dat ons gesprek de weg vandaag minder zwaar heeft gemaakt. Toch bijzonder hoe je op de camino, heel snel op zeer open gesprekken overstapt. 

Logrono is een heel grote stad, dat overvalt mij altijd een beetje na uren in de natuur te stappen. Maar het is ook een zeer leuke stad. Het is wemelt hier van de bars en restaurants, je voelt overal een gigantische ambiance hangen, duizenden mensen lopen door deze straten op een gezellige zaterdagavond, overal is er een zeer uitgelaten sfeer, we drinken enkele pintjes en eten pinchos.

Ik leg mij neer op het stapelbed en kijk naar mijn voeten, morgen weer een zware stap-dag, nog even volhouden dus!


vrijdag 17 april 2026

Dag 19: Estella - Los Arcos





 Dag 19: van Estella naar Los Arcos (22km) 

Na Estella was onze eerste rendez-vous met een historisch punt, Irache, waar een prachtige Benedictijns kloosters ons opwachtte, blijkbaar reeds bestaande sinds de 10de eeuw. Maar Irache is voor pelgrims vooral belangrijk omwille van de ‘Wijn Fontein’. Het woord zegt het zelf: een fontein waar sinds 1991; wijn uit vloeit (zie foto). Dagelijks stroomt er ongeveer 100 liter wijn uit de fontein met de bedoeling om pelgrims van de lokale drank te voorzien. Boven de fontein hangt het volgende devies: ‘Pelgrim, indien je in Santiago wil toekomen met kracht en vitaliteit, van deze grote wijn, moet je drinken en klinken op jouw gezondheid’. 

Wie ben ik om zo’n mooie traditie niet in ere te houden, ik neem dus mijn schelp en hoewel het 8.30 s’morgens is, neem ik een grote slok rode wijn. Salute! 

We zetten vol goede moed de tocht verder. ‘We’ dat is Hélène, een Lyonaise en ikzelf, voorlopig volgen we dezelfde route en het is aangenaam samen stappen. Ondertussen ontmoet ik ook twee Filipino’s, man en vrouw, we babbelen een beetje over mijn voorliefde voor Azië. Ik vraag hen of dit hun eerste keer is in Europa ‘No we dit the Europe’s highlight tour in 2011’. En toen keken ze mij een beetje schuldbewust aan ‘Belgium not one of the highlights’. Hoezo ?! Dringend eens in gesprek gaan met de highlights tour operator!

Ondertussen wandelen we in de stralende zon verder, het landschap is overwegend groen, felgroen en geel, tegen de mooie bergwanden van de Navarra streek. Mijn Hoofd is helemaal leeg, wat een zalig gevoel. Sommigen vragen zich af of ik tot nieuwe inzichten kom hier op deze camino, maar eerlijk gezegd, merk ik daar weinig van tot nu toe. Het enige wat er zich in mijn hoofd afspeelt, is de stilte en de rust. Misschien komen er wel nieuwe gedachten of inzichten in de komende weken. Maar voor nu, is dit prima. 

Aangekomen in los arcos, ploffen we ons neer met een grote groep pelgrims in een café op het plein van dit kleine dorpje. De sfeer is uitgelaten, de drank vloeit rijkelijk. Eten doen we in de pelgrimsherberg, ik praat met een nieuw zeelander, zijn vrouw in gestorven en deze tocht is een eerbetoon aan haar. Ze was 45; mijn leeftijd binnen drie weken.

Moergen is een pittige dag, 28,5 km, in de pikkende zon. Sloppel!

donderdag 16 april 2026

Dag 18: Punte de Reina - Estella





 Dag 18: van Puente de Reina naar Estella (22km) 

Zweten zweten zweten, wat was het weer warm vandaag. Ik draag de hele dag een petje, en ondertussen is mijn linkeroor zelfs verbrand. 

Mooie etappe, opnieuw langs die groene weilanden met grote gele vlakten, met dank aan de bloemen. 

De stad zijn we uitgegaan via de beroemde ‘Puente de la Reina’ (zie foto), een fantastische mooie romaanse brug die de stad met de omwalling zal verbinden, naar welke Reina of koningin de brug vernoemd werd, daar zijn de historici het niet over eens. 

We gaan de vallei van Maneru in, langs de Rio Salado, een zogezegde ‘gezouten rivier’ waar volgens de legende, paarden dood gingen nadat ze van het water gedronken hadden. 

Ondertussen piekt de zon en dat het landschap ook, stijgen en dalen zoals steeds op camino-wegen, het laatste uur van de wandeling van de dag is zoals steeds het zwaarste. 

Het valt mij op dat in elk dorp dat we voorbij komen, heel wat palestijnse vlaggen hangen. Het is hier duidelijk een zeer belangrijke kwestie en het verbaast me ook niet helemaal dat in dit baskenland, ze gevoelig zijn aan de onafhankelijkheid van de palestijnse staat. Je voelt toch dat ook hun eigen identiteit hier sterk doorweegt. Alles is in het baskisch, naast het spaans, en in pamplona was er hier en daar ook de vlag van de spaanse republiek te bespeuren. 

Aangekomen in Estella komen Hélène en ik de vrolijke groep Brabandse vrouwen tegen, ze nodigen ons uit om hen te vervoegen aan tafel, heel gezellig. 

Lo on egin ~~ Slaapwel in het Baskisch. 

woensdag 15 april 2026

Dag 17: Pamplona - Puente de la Reina




 Dag 17 : van Pamplona naar Puente de la Reina (24km) 

Jongens en meisjes, wat een beauty was deze etappe, het duurde even voor we de stad uit waren (bizar maar sinds dat ik op de camino ben kan ik de stadsgeluiden minder verdragen) maar toen we de grote velden in gingen werd het landschap meteen verrassend mooi. Wat zich voltrok was een ongeziene ongereptheid van de natuur, kilometerslange velden, en grote groene en gele vlakten voltrokken zich voor ons. 

In de verte, tegen de bergen in, zagen we plots tientallen en tientallen grote windmolens opduiken, allemaal op één lange lijn tegen de flank aan, ik probeerde ze te tellen maar ben gestopt toen ik aan 60 was, ze voorzien blijkbaar de stad Pamplona aan energie en elektriciteit, zeer indrukwekkend. 

Een beetje later komen we nog zo’n belangrijk herkenningspunt voor pelgrims tegen  (foto): het sinds 1996 kunstwerk van de artiest Vincente Galbete: ‘waar de wegen van de wind en de sterren elkaars kruisen’. Dit kunstwerk (waar pelgrims over de eeuwen heen op staan) is een beeld dat ik van in het begin meedraag, omdat het zo vaak voorkomt in blogs, sites en boeken dat ik over de camino heb gelezen. Het feit dat ik er eindelijk voor mag staan, doet me iets. Ik kan soms nog steeds niet goed geloven dat ik deze reis echt aan het ondernemen ben, en dat er nog vijf weken te gaan zijn op deze camino.

Voor de rest is het uitzicht op dit herkenningspunt gewoonweg verbluffend. Daarna dalen we verder af in de vallei. 

Onze eindetappe van vandaag, het mooie Puente de la Reina is een historische stop: volgens de eerste pelgrimsgids dat bijgehouden werd in de codex calixtinus komen hier de verschillende camino wegen uit Frankrijk samen. 

De stad ontdekken en de mooie ‘Puente’ zal voor morgen zijn want nu vallen de oogjes toe. Buenas noches.



dinsdag 14 april 2026

Dag 16: Zubiri - Pamplona


 Dag 16: van Zubiri naar Pamplona (21km) 

Dit gaat wellicht een korte blogpost worden want mijn ogen vallen toe. Deze nacht was ik om 4u wakker, de reden is onbekend maar nu ben ik wel doodmoe. 

Mooie tocht naar Pamplona achter de rug, ook de zon was van de partij. Laatste dag samen met Jeanne, we gaan haar heel hard missen. Zo een grappige en vrolijke madam. 

Ik las in een camino-blog dat Goethe zei ‘Europa entstand über den Jacobsweg’ en dat kan ik enkel beamen, je ontmoet hier dagelijks een mengelmoes van europese culturen, maar ook heel wat niet-europeanen kom je tegen. Ik sprak lang met Dan, een leuke australiër en dan heb je ook nog heel wat aziatische pelgrims, met een grote meerderheid uit Taïwan.

Voor we pamplona binnengaan moeten we eerst een lelijke voorstad trotseren maar éénmaal de prachtige stadomwalling voorbij zijn, kunnen we echt genieten van wat deze stad te bieden heeft. 

Na een bezoek aan de Kathedraal (WAW) gaan we de verplichte pinxos proeven in een lokale bar, avondeten doen we in een Ramen bar (niet zeer spaans,,,) samen met chad de amerikaan, dan de australiër, hélène de française en twee jolige belgen. 






maandag 13 april 2026

Dag 15: Roncesvalles - Zubiri






 Dag 15: van Roncesvalles naar Zubiri (21.5km)

Twee weken onderweg op deze camino, ik kan het eigenlijk niet geloven… het lijkt wel een eeuwigheid hoewel de dagen hier ook voorbij vliegen…. 

Deze dag dag viel - enkel letterlijk :)) - in het water, zes uur lang wandelen in de gieeeetende regen. Er kwam geen einde aan, gelukkig waren de landschappen wel zeer mooi. En kon ik die zware poncho eens uit mijn rugzak halen. Voor de rest: natte voeten en een doorweekt ‘klakske’. 

Wandelen doe ik sinds eergisteren met Hélene, een française uit Lyon en Jeanne, een waalse uit Halle. Grappig want ik ben hier nog niet zoveel belgen tegengekomen. Wat wel heel cool is: Jeanne is best een gekende actrice in franstalig België (zoek even op, jeanne abraham op google of insta, je ziet ze hier bij mij op de foto), ze heeft een hoofdrol in de franstalige versie van de dertigers, een hoofrol in een film op prime en ze speelde in the big fuck up, die serie met willem de schrijver op streamz. Leuke madam om kennis te maken. 

Rond 14u waren we al zubiri, niemand had zin om veel pauzes te houden en om 16u zat ik al te aperitieven met mijn amerikaanse camino-vriend chad. Verder is ein zubiri werkelijk niets te beleven. Maar dat maken we morgen goed … in Pamplona! 

zondag 12 april 2026

Dag 14: Saint Jean Pied de Port - Roncesvalles

 Dag 14: van Saint Jean Pied de Port naar Roncesvalles (26km) 

IK BEN DE PYRENEEËN OVER !!

Nochtans zag het er niet goed uit deze ochtend: regen en mist en aan de ontbijttafel heel wat discussie over welke weg te nemen: de col over of langs de autobaan? Ik was zelf meer dan gebrand om die Pyreneeën te trotseren over de bergen dus de gedachte om langs een autoweg te moeten stappen, kon ik niet verdragen. Probleem was dat het niet meteen duidelijk was wat de exacte weersituatie was in de bergen (sommigen spraken van 20cm sneeuw en -10 graden …. Slik). Ondertussen kon ik mijn mede-wandelaarster al niet meer overtuigen om de bergen te nemen, en zat ik dus in een tweestrijd.

Maar je kent mij: éénmaal dat er een gedachte in mijn hoofd zit… dus mijn koppigheid overwon de angst om wat dan ook tegen te komen en ik besloot ervoor te gaan. De bergen in en de col over. Dat was het doel. 

De eerste kilometers waren al meteen flinke kuitenbijters, gelukkig bleef het weer relatief stabiel en rond kilometer 6 kwam ik eindelijk twee andere pelgrims tegen, samen met de amerikaan chad zetten we de tocht verder. Mijn benen voelen zeer goed, ik heb dan ook al meer dan 200km in de spieren, met grote dank ook aan aan mijn schoenen. Ik heb mijn zware bergschoenen geruild voor een lichere trailversie na mijn blaren-miserie en dat is mijn redding geweest (ik heb de zware schoenen ook teruggestuurd); met dank aan Annik voor de GOUDEN TIP om lichtere schoenen mee te nemen, Dankjewel ! Je hebt mijn camino gered.

Tegen dat we aan de eerste refuge waren, voelden we ons al meer op ons gemak. Het weer bleef stabiel, wel nat, maar we bespeurden geen sneeuw en hoewel de zichtbaarheid moeilijk was, konden we nog steeds de weg duidelijk onderscheiden en dus bleven we met goede moed stijgen. 

Onderweg enkele prachtige taferelen tegengekomen (foto) en ondertussen stegen we meter per meter. Ons doel: de top, de legendarische Col De Lepoeder, op 1.440m. 

Enkele uren later was het dan zover : de Col, waar de slag voor Roncesvalles werd uitgevochten rond het jaar 780 tussen Karen de grote en Roland, bereikten we in de dichte mist. 

Wat een heerlijk gevoel. Het leek wel even de top van de wereld. Nat en moe zetten we de afdaling richting Roncesvalle in. 

Ondertussen hebben we Spanje bereikt. In de gigantische albergue van Roncesvalle kreeg ik bed nummer 237, buenas noches a todos. 








zaterdag 11 april 2026

Dag 13: Saint Jean Pied de Port

 Dag 13: vanuit Rodez aankomst in Saint Jean Pied de Port 

De wekker ging vroeg af deze ochtend, om 6u30 nam ik de eerste trein, richting Toulose. 

Op de trein kwam er nieuwe uit België, mijn lieve oma, Cécile Wauters Van Speybroeck, is overleden. Ze werd 102 jaar oud. Ze is gestorven in het rusthuis waar ze de voorbije jaren verbleef. Dat waren zéér moeilijke jaren, oma was dement en zorgbehoevend en hoewel ze een rijkgevuld leven heeft gehad, was het een boek dat ze allang uit had. Haar diepe wens was om afscheid te kunnen nemen van dit leven op aarde. 

Oma was de beste oma, dat zegt iedereen maar het is ook echt waar in ons geval: handgesneden frietjes met biefstuk en zelfgemaakte mayonnaise op zondag, versgemaakte eitjes als je bleef slapen, wandelingen aan de zee met de go car… oma was de beste. En de mooiste en de fierste. 

Het is zo mooi om op deze manier aan haar te denken. Ik zal er niet bij zijn bij haar fysiek afscheid maar mijn tocht zal een eerbetoon zijn aan haar, haar leven, aan wie ze was. Dankjewel aan mij lieve zus om mij daarnaan te herinneren. 

Op de foto zie je oma met Mila, 91 jaar verschil… 

De reis zet zich verder, in elke zin van het woord. 

Maar dan toch niet zonder slag of stoot want aangekomen in Toulouse wacht ons een vervelende verrassing: een bomalarm sluit volledig het treinverkeer af en we worden 1.5 uur lang buiten het station geparkeed. De reis kan zich daarna verdezetten maar uiteraard mis ik mijn aansluiting naar Saint Jean. En dan zet ik hier even de franse spoorwegen op een voetstuk want zij regelden voor ons een gratis taxi-rit naar saint jean omwille van de vertraging en boden ons daarnaast nog een maaltijd aan, om de vertraging te compenseren (reken daar ook nog de stopcontacten bij in de trein: NMBS kijk eens bij de buren aub). 

Over saint jean pied de port heb ik veel gelezen, een baskisch stadje aan de voeten van de Pyreneeën waar dagelijks honderden pelgrims samenkomen vanuit verschillende camino’s … en dat is helemaal correct. Overal zie je pelgrims nadat je de poort van de notre dame binnengaat. Alle kleuren en alle talen door elkaar. Stokken, rugzakken, schoenen en schelpen in de aanbieding, een pelgrim- walhalla. 

Ik check in bij het pelgrimsbureau en daar krijg ik te horen dat wellicht morgen de pas over de bergen dicht zal zijn omwille van de sneeuw… wat?!? Gelukkig kunnen we ook de gewone weg nemen maar die is natuurlijk minder mooi. 

Dat zijn dan zorgen voor morgen. Nu eerst bijslapen, buen camino oma. 





vrijdag 10 april 2026

Dag 12: Rodez


 Dag 12: afscheid van de via Podiensis 

Vandaag nam ik afscheid van de weg van Le Puy, ook de via Podiensis genoemd ( of de GR65 vandaag), het is oudste en de meest populaire camino in Frankrijk en ze loopt van Le Puy tot aan Saint Jean Pied de Port. Als je ze helemaal zou wandelen is het 760 km maar omdat ik ‘maar’ zeven weken heb en absoluut ook de Camino Frances helemaal wil wandelen tot aan Santiago, heb ik beslist dat ik vanuit Conques met het openbaar vervoer naar Saint Jean pied de Port reis, om daar aan de camino frances te beginnen. 

Nog even een stukje geschiedenis over de weg van Le Puy: het was in het jaar 951 dat de eerste niet-spaanse pelgrim op deze route liep. Het was de bisschop van Le Puy en Velay, Godescalc, dat zijn pelgrimstocht volbracht tot aan Santiago. Vandaag starten er op de weg van Le Puy jaarlijks ongeveer 50.000 pelgrims en ik was daar dus één van. 

Fun fact: ongeveer 80% van de solo wandelaars waren vrouwen de voorbije dagen, dat valt echt op. Waarom zou dat zijn? Ik vraag het mij oprecht af… zoeken vrouwen meer die spiritualiteit op? Of vinden mannen andere GR routes sportiever? Geen idee, maar het is wel bijzonder. 

Maar dus: ik ga met het openbaar vervoer naar het startpunt van de camino frances en dat bracht mij vandaag met de bus naar het mooie stadje Rodez (hier was ik al eens en zag ik samen met Els, Wout van aert of een andere vlaamse wielrenner, een etappe van de tour winnen). Mooie stad maar het is uiteraard wel iets helemaal anders dan de voorbije 11 dagen: veel lawaai, veel auto’s, veel mensen… ik mis de stilte van de camino. 

Morgenvroeg sta ik heel vroeg op om de trein te nemen naar Toulouse en van daaruit is het naar Saint Jean, waar de Pyreneeën op mij wachten… spannend!!



donderdag 9 april 2026

Dag 11: Le Soulié - Conques


 Dag 11: van Le Soulié naar Conques (15km) 

Na een hartelijk afscheid van deze zeer bijzondere plek (en nog een pittige discussie tijdens het ontbijt), neem ik weer de rugzak op voor de laatste 15km naar Conques. 

Onder een stralend blauwe hemel en de zon wandelen we door enkele kleine dorpjes, ik stop in Sénergues om even uit te rusten. Het dorpje is kenmerkend voor wat ik de voorbije tien dagen heb gezien: een kerkje, een begraafplaats, tien oude huizen en drie katten die komen aanlopen. Ik zat daar een half uur lang en enkel een postbode kwam langs om een brievenbus te ledigen waar welgeteld … één brief in zat. De harde realiteit voor onze posterijen vandaag. 

Na een zeer pittige daling tussen rotsen, stenen en bomen/struikgewas op de oude pelgrimsweg van weleer, zie ik plots de prachtige abdij Sainte Foy van Conques opduiken. Wat een fantastisch mooi gebouw, het hele dorp, een middeleeuwse pracht, lijkt hierrond gebouwd. 

Ik kan me inbeelden dat het in de zomer over koppen lopen is maar dat is nu gelukkig niet het geval. Enkel de pelgrims vergapen zich aan de schoonheid van dit stadje. 

Slapen doe ik vanavond in de abdij zelf, en ik ben niet de enige. Alle pelgrims komen speciaal hier naartoe. Voor velen is Conques de eindhalte, anderen zetten nog door. 

Er leven hier nog acht monniken, die duidelijk helemaal mee zijn met hun tijd. We eten samen met hen in de grote eetzaal van de abdij, indrukwekkend. Slapen doe we in een grote slaapzaal, met 20 mensen in een kamer… ik begin het gewoon te worden (gelukkig heb ik geluisterd naar jasmina en oordoppen op maat gekocht). S’avonds was er nog een live concert in de abdij zelf.

Voor wie in de buurt is tijdens het verlof: Conques is een must-do! 

Morgen start een nieuw hoofdstuk van mijn reis …







woensdag 8 april 2026

Dag 10: Estaing - Le Soulié




 Dag 10: van Estaing naar Le Soulié (20km)

Een lange wandeltocht onder opnieuw een stralende zon, langs deze prachtige weilanden hier, helemaal bezaaid met gele bloemen. 

Een tocht alleen maar ook niet helemaal, er waren pelgrims voor en achter mij. Soms kruisen we elkaar, dan halen we elkaar in. Ik vind het aangenaam zo. 

Het weer is opnieuw tropisch. Gelukkig vinden we vaak water onderweg. Fun fact: dat is vaak een kraantje op een begraafplaats want daar is het water altijd drinkbaar. Die regel dateert al van de tijd van Napoleon: die wou dat zijn troepen niet uit rivieren of moerassen dronken maar drinkbaar water vonden op herkenbare plaatsen. Dat werden dus de kerkhoven. En nu, zoveel honderden jaren later, kunnen wij pelgrims daar mee van profiteren. 

Ik had vandaag de keuze: slapen in Golinhac of toch verder wandelen en morgen in Conques vroeger aankomen. Ik heb voor het tweede gekozen. Op aanraden van Julie, reserveerde ik een bed in Le Soulié, in een christelijke ontmoetingsplek in dit kleine gehucht. Ik aarzelde even want ik wou ook niet in 1 of andere rare gelovige cultgemeenschap terecht komen maar ze overtuigde me “ik heb gehoord dat het een bijzondere plek is, een echte aanrader”. 

Hier aangekomen begreep ik ook waarom: te midden van een prachtige tuin heeft Michel een klein paradijs op aarde gesticht. Een eenvoudige maar mooie en zeer kleurrijke plek. Michel zit vol verhalen, hij heeft 5 hartaanvallen overleefd, is drie keer ten dode opgeschreven maar telkens er weer doorgekomen. Hij is heel gelovig maar vooral in de liefde, die hij predikt met veel passie en enthousiasme. 

We eten buiten in de zon, aan een tafel te midden van de bloemen. We zijn met een 8tal mensen. 

Michel nodigt iedereen rustig uit om iets te delen, over het waarom van deze tocht, en toen ontstond er plots iets heel bijzonder. Was het de warmte, de plek, de mensen… ik weet het niet maar iedereen was plots heel kwetsbaar en deelde zijn of haar persoonlijk verhaal. De sfeer werd heel warm en intiem maar ook zeer emotioneel. Ik heb nog nooit zoiets meegemaakt maar voel me dankbaar dat ik dit hier op deze manier kon ervaren. Het is bijzonder hoe een groepje mensen dat elkaar totaal niet kent, zich zo kan openstellen voor de andere en de rugzak lichter maken.

Tijd om de indrukken even te laten rusten, tot morgen.